Overig


Slotgedicht Juan Ramon Jienez

Ik ben niet ik,
Ik ben degene
die aan mijn zijde gaat
zonder dat ik hem zie,
die ik soms bezoek

en soms vergeet.
Die zwijgt wanneer ik spreek,
die zachtmoedig vergeeft wanneer ik haat,
die wandelt waar ik niet ben,
die overeind blijft als ik sterf.

Terug naar boven

Kunst Martin Bril

Wat we willen:
Momenten
Van helderheid
Of beter nog: van grote
Klaarheid

Schaars zijn die momenten
En ook nog goed verborgen

Zoeken heeft dus
Nauwelijks zin, maar
Vinden wel

De kunst is zo te leven
Dat het je overkomt

Terug naar boven

Van Binnen naar Buiten Rumi (1207-1273)

Er zijn twee soorten intelligentie:
een wordt verworven, zoals een kind op school
feiten en begrippen uit zijn hoofd leert,
door boeken en door wat de leraar zegt,
informatie verzameld uit de traditionele
en de nieuwe wetenschappen.

Zo’n intelligentie helpt u vooruit in de wereld
Door uw vermogen om informatie te bevatten
Komt u onder of boven anderen te staan.
Met deze intelligentie drentelt u door de velden
van kennis, erin en eruit,
en zo krijgt u steeds meer aantekeningen op uw conduitestaat.

Er is een andere staat, een die reeds
compleet is en die onaangetast is in jou.
Een bron die zijn bassin overstroomt.
Een frisheid in het midden van de borst.
Deze intelligentie vergeelt niet
en stagneert niet. Zij is vloeibaar
en beweegt niet van buiten naar binnen
door het loden buizenstelsel van doorgrondend leren.

Dit tweede kennen
is een fontein
van in jou
naar buiten.

Terug naar boven

Aandacht David Dewulf

Het is aandacht die
kleur geeft aan de bloemen
geur aan vers gemaaid gras
smaak aan wijn
en gezang aan vogels.

Terug naar boven

De vaas met stenen Auteur onbekend

Een meester gaf les aan economiestudenten. Op zijn bureau zette hij een vaas en een aantal kiezelstenen.
Een voor een deed hij de stenen in de vaas, tot er geen steen meer bij kom.
“Is de vaas vol?” vroeg hij aan de klas. Ja, oordeelde de klas.
De meester glimlachte en pakte vanonder het bureau een pot met grind dat hij in de vaas gooide. Met een beetje schudden verdween al het grind in de vaas.
“Is de vaas vol?” vroeg hij aan de klas. Ja, oordeelde de klas.
De meester glimlachte en pakte van onder het bureau een pot met zand dat hij in de vaas gooide. Met een beetje schudden verdween al het zand in de vaas.
“Is de vaas vol?” vroeg hij aan de klas. Ja, oordeelde de klas.
De meester glimlachte en pakte vanonder het bureau een kan water dat hij in de vaas gooide. “Nu is de vaas vol”, zei de meester. “Wat kun je hiervan leren?”
Een leerling stak zijn hand op. “Hoe vol je schema ook lijkt, je kunt er altijd wel wat tussen frotten.”
“Nee”, sprak de meester: “Dat is niet het punt. Dit voorbeeld illustreert dat je nooit alles in de vaas had gekregen als je de grote kiezel er niet als eerste in doet.
Wat zijn de grote kiezels in jouw leven? Je opleiding? Een ideaal? Tijd met de mensen van wie je houdt? Vergeet nooit met de grote stenen te beginnen, omdat je er anders geen plek meer voor hebt.

Terug naar boven

Een oud verhaal over een krijger Auteur onbekend

Er was eens een jonge krijger. Haar lerares zei haar dat ze strijd moest leveren tegen de angst. Dat wilde ze niet. Ze vond het te agressief, het was te beangstigend, het leek onaardig. Maar de lerares zei dat het moest en gaf haar instructies voor de strijd.
De dag brak aan. De leerling-krijger stond aan de ene kant en de angst aan de andere kant. De krijger voelde zich heel klein en de angst leek een enorme woesteling. Ze waren beiden gewapend. De jonge krijger vermande zich, liep op de angst toe, deed driemaal een knieval en vroeg: ‘Geeft u mij permissie de strijd met u aan te binden?’ De angst zei: ‘Dank je voor het respect dat je mij betoont door toestemming te vragen.’ Toe zei de jonge krijger: ‘Hoe kan ik u verslaan?’ De angst antwoordde: ‘Mijn wapens zijn dat ik snel praat en heel dicht bij je gezicht kom. Daardoor raak je volledig de kluts kwijt en doe je alles wat ik zeg. Als je niet doet wat ik zeg, heb ik geen macht. Je kunt naar me luisteren en me respecteren. Je kunt je zelfs door me laten overtuigen. Maar als je niet doet wat ik zeg, heb ik geen macht.’ Op deze manier leerde de leerling-krijger de angst te overwinnen.

Terug naar boven

Daarbuiten Rumi

Daarbuiten, achter ideeën van fout doen en goed doen,
daar is een veld.
Daar zal ik je ontmoeten.

Als de ziel zich neervlijt in dat gras,
is de wereld te vol om over te praten.
Ideeën, taal, zelfs het woord elkaar
hebben geen betekenis meer.

Terug naar boven

Neem mijn hand Thich Nhat Hanh (uit: Wandelen in vreugde)

Neem mijn hand.
We gaan wandelen.
We gaan alleen maar wandelen.
We gaan van onze wandeling genieten
zonder nadenken over ergens aankomen.
Loop vredig.
Loop gelukkig.
Ons lopen is een vredesloop.
Ons lopen is een gelukswandeling.

We leren dan dat er geen vredesloop is,
vrede is wandelen;
dat er geen gelukswandeling is,
geluk is wandelen.
We lopen voor onszelf.
We lopen voor iedereen
altijd hand in hand.

Wandel en raak ieder moment vrede aan.
Wandel en raak ieder moment geluk aan.
Iedere stap een verfrissende bries,
iedere stap een bloeiende bloem onder onze voeten.
Laat je voeten de Aarde kussen.
Print jouw liefde en geluk op Aarde.

Aarde zal veilig zijn
als wij genoeg veiligheid in ons voelen.

Terug naar boven

Wilde ganzen Mary Oliver

Je hoeft niet goed te zijn.
Je hoeft niet op je knieen
honderden kilometers door de woestijn
voort te kruipen, vol berouw.
Je hoeft alleen maar het zachte wezen van je lichaam
te laten liefhebben wat het liefheeft.
Vertel me over wanhoop, de jouwe, en ik zal
over de mijne vertellen.
Ondertussen draait de wereld door.
Ondertussen bewegen de zon en de heldere kristallen
van de regendruppels over het landschap heen,
over het gras en de lange bomen,
de bergen en de rivieren.
Ondertussen gaan de wilde ganzen, hoog in de heldere blauwe hemel,
weer naar huis.
Wie je ook bent, hoe eenzaam je ook bent,
de wereld laat zich zien aan je verbeelding,
roept naar je als de wilde ganzen, rauw en opwindend –
keer op keer jouw plaats verkondigend
in de orde der dingen.

Terug naar boven

De kruik die stuk was

Een waterdrager moest elke dag voor zijn meester naar de rivier om water te halen. Aan weerszijden van zijn lichaam hing een kruik aan een houten juk. De ene kruik was zo goed als nieuw, puntgaaf en zonder lek, de andere kruik was oud en gebarsten en hij verloor permanent water. Bij thuiskomst bleek de helft van deze kruik soms al leeg te zijn en dat deed de oude kruik veel verdriet.

Op een dag kon hij het niet meer voor zich houden en zei tegen de waterdrager: ‘Meester ik schaam me zo’. ‘Maar waarom dan toch’, vroeg de waterdrager. ‘Omdat ik niet in de schaduw van uw andere kruik kan staan. Hij levert dagelijks de volle inhoud water af, terwijl ik onderweg steeds water verlies.’ ‘O, maar dat wist ik immers al lang’, antwoordde de waterdrager. En toch heb ik je al die tijd graag willen gebruiken. ‘Zijn die mooie bloemen langs de weg je niet opgevallen? Ze groeien alleen maar aan jouw kant. Enige tijd geleden heb ik daar zaad uitgestrooid en jij hebt ze elke dag begoten. Nu kan ik steeds een prachtig boeket plukken voor mijn heer.’

Een tijdje kwam er geen antwoord van de gebarsten kruik, zo had hij het nog nooit bekeken. Hij heeft die bloemen wel zien groeien, maar dat zijn meester hem bewust in dienst heeft gehouden en dat hij hem ondanks alle gebreken toch kon gebruiken, dat was nog nooit bij hem opgekomen.

Terug naar boven